Nieuwsgierig schreef op 28 december 2025 18:17:
Volgens mij is dit eenvoudiger dan het nu wordt gemaakt.
Dat een geschreven optie een verplichting met waarde in het economisch verkeer is, betwist niemand. Maar art. 5.19 Wet IB 2001 gaat over waardering, niet over kwalificatie. Wat een schuld is, wordt eerst bepaald in art. 5.3.
De HR-arresten waar graham20 naar verwijst zien op verplichtingen binnen een bestaande schuldsfeer en zeggen niet dat elke verplichting met verkeerswaarde automatisch een box-3-schuld is.
Geschreven opties maken onderdeel uit van één beleggingspositie en worden in box 3 netto gewaardeerd onder de bezittingen. Dat is in lijn met wetssystematiek, uitvoeringspraktijk én hoe brokers en de BD dit al jaren verwerken.
Daarmee lijkt de benadering van De Wit c.s. juridisch het meest consistent.